Voltooid leven

Het levenseinde van oud-politicus Van der Heiden en zijn vrouw heeft de discussie rond zelfdoding en zelfeuthanasie verder aangewakkerd. Het echtpaar beschouwde het leven als voltooid en wilde niet meer verder leven. Tegen deze achtergrond stel ik de vraag wat hiermee wordt bedoeld. Wanneer is een leven voltooid? En – wat nog belangrijker is – kunnen wij iets doen waardoor die mensen weer zin in het leven krijgen?

 

 

Ik begin bij de eerste vraag: Wanneer is het leven voltooid? Het mooiste antwoord geeft de oude Simeon: ‘Nu laat U, Heere, Uw dienstknecht gaan in vrede, volgens Uw woord, want mijn ogen hebben Uw zaligheid gezien.’ (Luk. 2: 29) Het gelovig aanvaarden van de Zaligmaker maakt het leven af. Het levensdoel is bereikt, ondanks dat Simeon niet weet wat de aardse toekomst hem nog zal brengen.
De Bijbel beschrijft ook mensen die op God vertrouwden, maar tegelijk gebukt gingen onder de last van het lijden. Denk aan Elia en Job. Maar ondanks hun wens om te sterven, zochten zij heil en steun bij God.

 

Ontkerkelijking

Dat laatste ontbreekt steeds meer in de samenleving van vandaag. Kerkelijke en religieuze kaders vallen weg, waardoor de vraag naar zingeving een andere invulling krijgt. Ook de visie op goed en kwaad krijgt een andere basis.

In de huidige discussie is voltooid leven meestal een verzamelnaam van ‘het is genoeg geweest’, ‘ik heb alles al gehad’ tot ‘ik lijd dagelijks’. Met als diepe grondtoon: ‘zo wil ik niet meer verder leven.’

Omdat de huidige wetgeving hierin niet voorziet, zijn er inmiddels diverse zelfhulpboeken verschenen (zoals ‘Uitweg’ van Boudewijn Chabot en Stella Braam) om de doodswens om te zetten in een daad van levensbeëindiging.

 

Nieuwe wet

Op dit moment spitst de politieke discussie zich toe op de vraag of de euthanasiewet voldoende ruimte geeft aan mensen die hun leven voltooid vinden. De menin- gen zijn daarover verschillend. Zonder inhoudelijk de voor- en tegenstanders aan het woord te laten, is het een vreemdsoortige discussie. Want feitelijk zoeken we – als wetgever en samenleving – naar een ruimere interpretatie van de woorden ‘ondraaglijk en uitzichtloos lijden’, zodat hoogbejaarden (ouder dan 75 jaar), die nog redelijk gezond zijn maar hun leven wel als voltooid beschouwen, hun leven kunnen beëindigen.

 

Pro-actieven en rationelen

Bij het lezen van levensverhalen van mensen die hun leven voltooid vinden, sta ik versteld van de vitaliteit die deze mensen soms uitstralen (zie o.a. voltooidleven.nl). Ze hebben een volle agenda, zijn druk bezig met tuin of hobby, doen dagelijks yoga-oefeningen, maar ondertussen hebben ze alle medicijnen in huis om uit het leven te stappen. Inmiddels hebben wetenschappers onderzoek gedaan naar welke mensen hun leven voltooid vinden en dat ook uitspreken (zie o.a. stichtingstem.info). Ze worden aangeduid als pro-actieven en rationelen. Proactieve mensen zijn soms spiritueel ingesteld, maar niet op een klassieke manier. Ze willen zo lang mogelijk nuttig blijven. Ze denken na over het levenseinde en vinden zelfstandigheid erg belangrijk.

Vergelijkbaar zijn de rationelen, maar die hebben weinig met religie. Ze werken hard, benaderen alle vragen op een rationele wijze en hebben moeite met kwetsbaarheid.

 

Afhankelijkheid samenleving

Het zelfbeschikkingsrecht berust op de gedachte dat we in staat zijn om zorgvuldig afgewogen keuzes te maken. Inmiddels weet iedereen dat de mens een sociaal wezen is en dat onze keuzes in meer of mindere mate beïnvloed worden door onze omgeving.

Hoe autonoom zijn we dan nog? De visie van de samenleving op ouderen heeft grote impact op onze eigen visie. Want wij zijn onderdeel van die samenleving en hebben decennia lang de tijdgeest ingeademd.

Ik volsta met een paar opmerkingen. We leven in een prestatiegerichte cultuur. Geld en arbeid zijn belangrijke waarden. Het nut van een individu wordt uitgedrukt in euro’s of geluk. We ontlenen onze status en eigenwaarde aan ons werk en de beoordeling van dat werk door anderen. Zelfstandigheid en zelfontplooiing zijn leidende principes.

 

Medicalisering

Vreemd genoeg heeft de toegenomen medische kennis en kunde bijgedragen aan het gevoel van voltooid leven. Het arsenaal aan medische middelen is voor velen tot zegen geweest, maar bevestigde ook de maakbaarheid van het leven. Verder wreekt zich bij de benadering van mensen met een voltooid leven de medische benadering. Zorgprofessionals zullen hen gemakkelijk als depressief bestempelen. Maar daardoor reduceren ze het probleem tot een stemmingsstoornis (waartegen medicijnen bestaan), maar miskennen ze de complexiteit achter deze discussie. Betrokkenen voelen zich niet begrepen.

 

Oorzaken

Wat maakt dat mensen hun leven als voltooid beschou- wen? Els van Wijngaarden heeft daar uitgebreid onderzoek naar gedaan en rubriceert de volgende oorzaken (in ‘Voltooid leven’).

1. Mensen ervaren een diep gevoel van existentiële eenzaamheid.

2. Veel ouderen hebben het gevoel er niet meer toe te doen.

3. Verder speelt voor veel ouderen het onvermogen zich te uiten op een voor hen kenmerkende wijze.

4. Er ontstaat een geestelijke en lichamelijk vermoeidheid.

5. Er groeit een innerlijke afkeer tegen afhankelijk en men is bang om afhankelijk te worden.

 

Benadering

Tot slot kom ik bij het meest lastige element van deze discussie: Wat is er aan te doen? Kunnen we mensen weer zin in het leven bieden?
De benadering van voltooid leven raakt allereerst de hele samenleving. Als we ons hele leven gericht zijn op zelf- ontplooiing, is dit bij zorgafhankelijk niet plotseling te veranderen. Wanneer een samenleving van God loskomt, wordt het steeds moeilijker om steun te vinden in het Woord, wanneer de kwade dagen van het leven komen (Pred. 12).
Toch zullen we op deze punten de omslag moeten zoeken en proberen te bewerken. Loslaten van Bijbelse kernwaarden heeft ernstige gevolgen. We zullen moeten leren dat autonomie nooit het (enige) leidende kan zijn, omdat we afhankelijk zijn van onze omgeving.

 

Aanvaarden of verzetten?

Wat kunnen we persoonlijk doen? Leer in de jonge jaren dat geld en goed ons leven niet mogen bepalen. We ontlenen er onze status en identiteit aan. Dat zit buitengewoon diep geworteld in onze samenleving en in ons. Wie een auto nodig heeft als statussymbool zal later moeilijk een rolstoel aanvaarden. De Bijbel wijst daarentegen op zorgzaamheid voor anderen (Matt. 25). Dat bepaalt uit- eindelijk de waarde en zin van ons leven.

Wat betreft de medische zorg: neem, wanneer de dagen van afhankelijke en sociale leegte komen, geen beslissingen die het lijden doen toenemen. Dat klinkt logisch maar de praktijk is vaak anders. Belastende behandelingen zijn soms laatste strohalmen. Het effect weegt niet meer op tegen de bijwerkingen en nadelen. Maar daardoor kunnen ze de laatste levensfase zwaar maken.

Mochten eenzaamheid en isolement parten spelen: zoek de dan oplossing niet alleen in het aanbieden van activiteiten. Natuurlijk is dat laatste goed; laten familieleden en kerkelijke gemeenten rondom de eenzame mensen gaan staan. Maar zoek niet permanent naar antwoorden. Wees nabij en luister.

Ook voor zorgprofessionals ligt hier een grote taak. Onderzoek toont aan dat, wanneer ouderen en gehandicapten een beetje levensregie krijgen, hun levenskwaliteit toeneemt. Ook het behandelen van vermijdbare afhankelijkheid (afhankelijkheid waar iets aan te doen is) draagt daar aan bij. In de zorgsector wordt op dit punt hard gewerkt.

 

Verzadigd van dagen

Natuurlijk is hierover veel meer te zeggen. Maar uiteindelijk komt het aan op zorgzaamheid en naastenliefde. Wanneer onze bewogenheid voor de naaste gegrond
is op de barmhartigheid van Christus, geldt straks ook voor ons: ‘En hij stierf, oud en van dagen verzadigd.’ (Job 42:17). Dan is het leven echt voltooid.

 

Dr. A.A.Teeuw

 

De auteur is specialist ouderengeneeskunde en theoloog en werkzaam in verpleeghuis Salem in Ridderkerk. Dit is een samenvatting van een lezing die hij hield tijdens onze themabijeenkomst op 17 mei in Krimpen aan den IJssel.